top of page

Overbieden in Q2 2026: weer vaker boven de vraagprijs

Two Towers
Rico-4 Square colorcorrected.jpg

Rico Nederveen

28 juli 2026

Leestijd 5 minuten

De woningmarkt krijgt meer lucht, maar 71% van de woningen werd nog boven de vraagprijs verkocht. De landelijke cijfers vertellen alleen niet hoeveel jij op één specifieke woning moet bieden.

In het tweede kwartaal van 2026 werd 71% van de woningen boven de vraagprijs verkocht. Gemiddeld lag de verkoopprijs 4,6% boven de laatste vraagprijs. Dat lijkt een duidelijk uitgangspunt voor je bod, maar het NVM-rapport laat vooral zien waarom je dat percentage juist niet blind moet gebruiken.

Een rustiger markt waarin méér werd overboden

In Q2 2026 werden 56.701 woningen te koop gezet, het hoogste aantal sinds de start van de NVM-metingen in 1995. Toch liep het overbieden ten opzichte van het eerste kwartaal weer op.

MEETPUNT

Q2 2025

Q1 2026

Q2 2026

Boven vraagprijs verkocht

74%

67%

71%

Verschil vraag- en verkoopprijs

5,7%

3,7%

4,6%

Bod berekenen

Wil je weten wat je moet bieden op een huis? Wij berekenen het voor je.

Vergeleken met vorig jaar nam overbieden af. Ten opzichte van het eerste kwartaal stegen zowel het aandeel overbiedingen als het gemiddelde verschil met de vraagprijs.

Een markt kan dus minder overspannen worden, terwijl de concurrentie rond populaire woningen weer toeneemt. Een algemene uitspraak als ‘de markt koelt af’ geeft daardoor weinig houvast bij het bepalen van een concreet bod.

Het woningtype maakt een groot verschil

Het landelijke gemiddelde van 4,6% verbergt forse verschillen tussen woningtypen.

WONINGTYPE

BOVEN VRAAGPRIJS

VERSCHIL VRAAGPRIJS

Tussenwoning

80%

+5,9%

Appartement

73%

+5,6%

Hoekwoning

73%

+4,4%

Vrijstaande woning

48%

+0,6%

+3,6%

68%

Twee-onder-een-kap

Bij acht op de tien tussenwoningen werd overboden. Bij vrijstaande woningen werd bij de meerderheid juist op of onder de vraagprijs gekocht. Ook de prijsklasse telt. Overbieden kwam het vaakst voor bij woningen tussen €350.000 en €500.000. Bij woningen boven €1 miljoen werd vaker onderboden dan overboden.

Een dalende regionale prijs betekent niet dat je kunt onderbieden

In Utrecht, Oost-Zuid-Holland, Groningen en Flevoland werd bij meer dan 80% van de verkopen overboden. In Zeeuws-Vlaanderen gebeurde dat bij minder dan een op de drie woningen.

Opvallender is dat de gemiddelde verkoopprijzen in Groot-Amsterdam en de Achterhoek op jaarbasis daalden, terwijl de NVM deze gebieden nog steeds als krappe markten omschrijft waar flink wordt overboden. Het grotere aanbod en de verkoop van gemiddeld kleinere woningen beïnvloedden daar het prijsbeeld.

Een regionaal prijsgemiddelde zegt dus niet automatisch hoeveel concurrentie er rond jouw woning is.

Wat verwacht de NVM voor de rest van 2026?

De actuele woningmarktramingen wijzen op verdere afkoeling, maar niet op een brede prijsdaling. ABN AMRO verwacht dat de huizenprijzen over heel 2026 gemiddeld 3% hoger liggen dan in 2025. Rabobank rekent op 2,8% en DNB verwacht voor de periode 2026 tot en met 2028 een jaarlijkse stijging van 3% tot 4%.

Die jaarcijfers betekenen niet dat de prijzen vanaf de zomer nog met hetzelfde percentage stijgen. Rabobank verwacht binnen 2026 juist vrijwel stabiele prijzen. Het hogere jaargemiddelde komt voor een belangrijk deel doordat woningen aan het begin van 2026 al duurder waren dan gemiddeld in 2025.

Hogere hypotheekrentes en economische onzekerheid remmen de vraag, terwijl het woningtekort en de inkomensgroei de prijzen ondersteunen. Tegelijk zorgt de verkoop van voormalige huurwoningen tijdelijk voor extra keuze. Rabobank verwacht dat deze uitpondgolf later in 2026 afneemt.

Geen van deze ramingen voorspelt hoeveel woningen in het derde of vierde kwartaal boven de vraagprijs worden verkocht. Het meest waarschijnlijke beeld is daarom niet dat overbieden overal verdwijnt, maar dat de verschillen groter worden: meer ruimte bij woningen met minder belangstelling, terwijl populaire en instapklare woningen competitief blijven.

Wat betekenen deze cijfers voor jouw bod?

De 4,6% van de NVM is een bruikbare marktindicator, maar geen percentage dat je bij iedere vraagprijs moet optellen. Woningtype, prijsklasse, locatie, onderhoud en vergelijkbare verkopen bepalen samen wat een realistisch en competitief bod is.

SlimBieden brengt die gegevens samen in een persoonlijk woningrapport. Zo bied je niet automatisch meer, maar beter onderbouwd.

SB_Ijburg-11.jpg
bottom of page